Hoe evolueert ons onveiligheidsgevoel?

Evolutie sinds 2012

Sinds de lancering van de jaarlijkse Nationale VerkeersONveiligheidsenquête in 2012 vragen we elk jaar aan een representatieve steekproef van 2100 Belgen ouder dan 16 jaar hoe veilig ze zich voelen in het verkeer. Hiervoor antwoorden de respondenten op een antwoordschaal van 0 tot 9, waarbij 0 staat voor “helemaal niet in gevaar” en 9 voor “heel erg in gevaar”. Elke respondent kent een score toe aan elk van de verplaatsingsmiddelen die hij in het afgelopen jaar gebruikte. In de figuur hieronder tonen we de evolutie van het onveiligheidsgevoel in de laatste 5 jaar.

De meest opvallende tendensen zijn afkomstig van de bestuurders van vrachtwagens en bestelwagens. Bij hen zien we een daling van het onveiligheidsgevoel in vergelijking met 2014. Tussen 2012 en 2014 was hun onveiligheidsgevoel licht gestegen, maar dit jaar bevindt het zich terug onder het peil van 2012. Bij de bromfietsers zagen we in 2014 een merkelijke verbetering van het onveiligheidsgevoel, maar bij hen is het onveiligheidsgevoel dan weer toegenomen in 2016. Bij de gebruikers van het openbaar vervoer stellen we geen verschil vast in vergelijking met 2014. Het lijkt er dus op dat de aanslagen in de metro van Brussel geen blijvend effect op het onveiligheidsgevoel van trein-tram-bus gebruikers hebben gehad.

De verschillen voor de meeste categorieën van weggebruikers zijn relatief beperkt. Voor voetgangers en fietsers lijkt het onveiligheidsgevoel sinds 2012 te stagneren. Bij autobestuurders en passagiers zien we eerder een lichte daling van het onveiligheidsgevoel, terwijl het onveiligheidsgevoel bij de motorrijders in dezelfde periode eerder een stijgende tendens vertoont.

Globaal genomen stellen we dus geen significante evoluties in het onveiligheidsgevoel vast over de volledige periode van 5 jaar. In dezelfde periode daalde het aantal dodelijke verkeersslachtoffers van 770 in 2012 tot 732 in 2015. Ook het totaal aantal gewonden daalde van 57763 in 2012 naar 51839 in 2016. Het onveiligheidsgevoel lijkt die tendens dus niet onmiddellijk te volgen. Het onveiligheidsgevoel bij de burgers volgt dus zeker niet altijd de objectieve feiten.